Voetbalzone.nl

Centrumspits over FC Groningen: ‘Ik zou hier zeker nog willen blijven’

Woensdag, 10 april 2019 om 15:45

In de zomer van 2016 klopte Wolverhampton Wanderers met twee miljoen euro aan bij Heracles Almelo om Paul Gladon in te lijven. De spits stapte over, maar kwam, mede door het snelle ontslag van zijn coach Walter Zenga, tot slechts drie officiële duels in de West Midlands. Hij werd vervolgens met wisselend succes verhuurd aan zijn oude club uit Almelo en het Belgische STVV. Afgelopen winter besloot Gladon zijn contract bij the Wolves af te kopen waarmee een einde kwam aan zijn Engelse avontuur. Voetbalzone zocht hem op in Groningen waar hij een contract tekende voor de duur van een halfjaar.

Paul, hoe ben jij plotseling beland bij FC Groningen?
“Ik heb in de winterstop mijn contract in Engeland afgekocht. Vervolgens sprak ik met Thomas Bruns en die vroeg of ik niet hier wilde komen. Dat vond ik een mooi idee en toen heb ik Danny (Buijs, JD) een berichtje gestuurd. Daarna is het via Ron Jans een beetje gaan lopen en heb ik een contract getekend voor een halfjaar. Ik had direct een goed gevoel bij de club en ken veel van de jongens, ook uit mijn tijd bij Heracles, zoals Thomas, Iliass en Mike (Bel Hassani en Te Wierik, JD). Met de trainer heb ik zelf nog gevoetbald en na een periode van weinig spelen dacht ik: ‘Het is ook belangrijk gewoon weer even plezier te hebben.’”

Je bent net 27 geworden, wat was wat jou betreft jouw beste periode tot dusver?
“In de periode dat ik verhuurd was aan Dordrecht scoorde ik veel en in het jaar daarna terug bij Sparta Rotterdam ook. Vervolgens wist ik die lijn door te trekken bij Heracles en toen ik daar een vaste plek had veroverd, kwam het buitenlandse avontuur om de hoek kijken. Dat was een sterke periode. Als je daarna een poos niet speelt, verlies je ritme en wordt het allemaal wat moeilijker. Daar praat ik nu weleens over met Iliass. Met hem ben ik goed bevriend en hij heeft iets soortgelijks meegemaakt bij AZ. Het is ook allemaal best logisch en het hoort erbij: het kan niet altijd een stijgende lijn zijn. Je moet ook gewoon verder en ik ben niet iemand die snel zijn kop laat hangen of zijn tas inlevert.”

En dus werd je verhuurd?
“Juist. Eerst een seizoen aan Heracles, maar het jaar daarna deden ze in de voorbereiding een beetje moeilijk over verhuur. Er was best veel interesse, maar de club wilde dat ik veel geld zou inleveren. Toen heb ik gezegd dat ik gewoon bij de club zou blijven als ze niet wilden meewerken. Daar schrokken ze denk ik van, want op de laatste dag mocht ik toch plots met clubs gaan praten zonder gekort te worden. Veel clubs waren toen al voorzien, maar Sint-Truiden zocht nog een spits. Daar ben ik toen heen gegaan, maar dat team draaide erg goed en speelde tot de laatste dag mee om play-offs. Voor die club een heel behoorlijke prestatie en dus wisselde de trainer niet. Toen dacht ik in de winterstop: ‘Ik wil weg hier.’”

Hoe heb je dat uiteindelijk opgelost in Engeland?
“Als er geen andere club kwam die aan hun eisen voldeed, moest ik me weer bij Wolverhampton melden. Uiteindelijk kwamen ze met een voorstel voor een afkoopsom en daar voelde ik me goed bij. Als je niet speelt en de trainer doet weinig beroep op je, groeit je zelfvertrouwen niet bepaald. Als spits voel je je goed als je regelmatig scoort, maar daar was al even geen sprake meer van. Ik hou er niet van om de schuld bij andere mensen neer te leggen, maar in dit geval heb ik ook wel een beetje pech gehad, denk ik.”

Hoe kijk je nu terug op je avontuur bij the Wolves?
“De stap naar Wolverhampton sta ik nog steeds achter, het was mooi, maar niet gelopen zoals ik graag wilde. Trainer Walter Zenga zag het echt in mij zitten, was positief en zei dat hij me de tijd ging geven. Ik mocht ook gelijk starten in de basis. In dat duel maakte ik direct een doelpunt, maar die werd helaas afgekeurd. Daar heb ik nog wel een paar keer aan teruggedacht: als die telt, begin je toch heel anders. Uiteindelijk werd Zenga na een wedstrijd of vijf á zes ontslagen en kwam er een nieuwe coach met eigen ideeën en spelers. Veel van de buitenlandse jongens schoof hij aan de kant en daardoor ontstond een moeilijke situatie.”

Je verblijft nu minimaal een halfjaar in Groningen. Hoe bevalt dat tot nu toe?
“Ik voel me goed en het trainen gaat lekker. Ik wil natuurlijk het liefste spelen, maar ze hebben hier met Kaj en Mimoun (Sierhuis en Mahi, JD) twee goede centrumspitsen. Ik kwam pas een dag voor de hervatting van de competitie bij de groep, dus dan weet je dat zij starten en ze hebben het ook goed gedaan. Uiteindelijk hoop je zoveel mogelijk te spelen en ik vind dat het lekker gaat: in de wedstrijden voor Jong FC Groningen heb ik mijn doelpunten gemaakt en in de invalbeurten gaat het ook goed. Soms is de tijd wat kort en zou ik graag wat meer minuten maken om mezelf te laten zien, anders is het toch vaak hopen op die ene bal die goed valt. Dat heb ik ook tegen de trainer gezegd. De laatste twee duels heb ik die speelminuten wel gekregen en dat heeft zich direct uitbetaald.”

Wat is je perspectief hier en wat zijn je plannen?
“Mimoun gaat volgend jaar natuurlijk weg. Ik zou hier zeker nog willen blijven, dus we gaan van de zomer met elkaar praten en dan zullen we het wel zien. De trainer is in elk geval heel positief over me, dus het zal de komende tijd wel duidelijk worden. In de tussentijd maak ik er het beste van in de minuten die ik krijg. We zitten in een hele goede reeks en moeten vol voor de play-offs gaan. Bij Heracles ben ik heel belangrijk geweest in die play-offs. Je weet niet hoe het gaat, maar het zou nog wel eens een heel mooi seizoen kunnen worden.”